Kijk eens aan: het laatste blogbericht. Ik houd me graag aan de “Zeven tips voor wie gelukkig wil worden zonder mij – Tip 6” van Bart in zijn Januariblog: “Bedank altijd”. Dat doe ik met veel plezier. Uw reacties, “live” of per mail, waren fijn, meelevend, kritisch, positief, aanmoedigend. Nooit gedacht dat we zo meegelezen (en meegeleefd) zouden worden. Driewerf bedankt daarvoor.
Wat heeft Meneer Cactus nu geleerd?
- Dat er mensen zijn die mijn werk volgen, en meer nog: appreciëren! Word je daar ijdel van? Ik hoop van niet. Ik kan alleen maar zeggen dat het aanmoedigt. Niet onbelangrijk als je de ruimte vaak deelt met een tafel en een blad (en de pluchen aap op mijn cd-rek).
- Dat velen dezelfde redenen tot blijdschap, verdriet en zorgen kennen. En dat het schoon is die te delen.
- Dat er veel tijd kruipt in het bijhouden van een blog. Maar dat dat vooral plezant blijft als alles lekker compact in één maand kan. Voor mij dus geen eigen blog. Maar u mag me altijd mailen als u zich zorgen maakt.
Wat is er beter als afsluiter dan een portie flauwekul? Daar heb ik regelmatig nood aan; om te voorkomen dat ik mezelf niet te ernstig ga nemen. Monthy Python, Clement Peerens, The Fast Show, Big Train, Kijk eens op de doos; het kan maar helpen. Maar soms zorg ik ook zelf voor de flauwekul. Zo bijvoorbeeld één van mijn alter-ego’s: Benny B. Benny is een charmezanger met een tragisch verleden, waar ik u liefst de details van spaar. Feit is dat Benny steeds voor feest zorgt, met zijn diepgaande levensliederen.
Hier één van zijn vergeten parels: “Wereldvrede”.
(Voor u het nummer beluistert en geshockeerd wordt door de uitermate grove tekst, even toelichten van waar de inspiratie voor dit nummer kwam. Toen ik een 11-11-11-ophaling deed met de jeugdbeweging, ging ik langs bij een man die net zijn BMW – Cabriolet stond te wassen. Daarnaast stond de Mercedes Coupé te blinken en in de garage merkte ik een uitgebouwde Landrover op (het huis dat aan die garage hing was trouwens een kast van een villa). Toen ik de man vroeg om een milde bijdrage kreeg ik een preek van een half uur toegeslingerd. Om u een paar citaten van ’s mans tirade te geven: “Men steunt mij ook niet, dus waarom zou ik die mensen steunen?”, “Voor deze auto’s heb ik hard gewerkt, en dat kunnen die Afrikanen niet zeggen. Als ze wat zouden werken, zouden ze niet zo arm zijn”, en meer van dat leuks. Ik was geshockeerd. Dat was dus de rechtstreekse aanleiding tot dit nummer, zoveel jaren later. Ik hoop dat uw gevoel voor ironie u niet in de steek laat.
Ben ik gek? Minstens een beetje, maar is dat geen voorwaarde om illustrator te zijn?
Ik kan u enkel nog uitzwaaien met een tekening. Of wat had u gedacht?
Tot gauw, op een plaats, op een tijdstip, somewhere in the galaxy.
Gegroet!
Benjamin.
