Gisteren. Ik las voor met Bart Meuleman in café Rood Wit in Berchem. Een buurtcafé dat literaire en muzikale activiteiten organiseert waar je van achterover valt. Met een talrijk en zeer aandachtig publiek. Eerst lazen we Mijnheertje Kokhals, daarna las Bart wat gedichten.
Ik vond een paar weken geleden – in een verloren gelopen mapje op de harde schijf van mijn computer – een paar verhalen terug. Over ongewone liefdes, niet alledaagse verlangens. Die las ik gisteren. Ik geef er ook hier eentje prijs.
Over een meisje dat graag straf krijgt:
Een meisje kreeg graag straf.
Ze was heler dagen stout, maakte haar huiswerk niet, plukte bloemen uit den hof, gooide met proppen naar de meester, liet haar moeder met haar broertje van de trap vallen, maakte het nieuwe horloge van papa stuk en nam geen hap van haar lievelingsgerecht… Om toch maar straf te krijgen.
Op een dag kwam ze een jongen tegen. Die graag straf gaf.
‘Ik wil je ook wel straffen als je helemaal niks misdaan hebt,’ zei de jongen schuchter.
‘Graag,’ zei het meisje.
Want ze had een goed hart en vond het akelig zo vaak mensen pijn te doen in de hoop een beetje straf te krijgen.
‘We spelen schooltje,’ zei de jongen.
‘Zoals u wil,’ zei het meisje lief.
Ze speelden de hele dag en zelfs een klein stukje van de avond.
Het meisje kreeg de ene straf na de andere, tot ze bijna wilde dat het ophield. Maar daar kwam alweer een nieuwe straf die ze toch weer spannend vond.
Plotseling moesten ze naar huis.
‘Jammer,’ zei de jongen en dat vond het meisje ook.
‘Was het erg of was het goed?’ vroeg de jongen.
‘Het was erg goed,’ zei het meisje.
Hoe het verder ging?
Het meisje trouwde met een andere jongen die nog betere straffen bedacht, ze leefden niet zo lang maar heel gelukkig en kregen drie dochters.
De jongen werd verliefd op een vrouw die niks van straf moet weten. Hij denkt bij volle maan altijd aan het meisje dat hij zo lang geleden kende.