Van Oliver Jeffers verschenen al verschillende boeken in het Nederlands. Het bekendst is waarschijnlijk De ongelooflijk bijzondere boekeneter (vert. van The incredible book eating boy, Pimento, 2009). Voorgangers Laat me niet alleen (vert. van Lost and found, Ten Have, 2005) en Mijn eigen ster (vert. van How to catch a star, Ten Have, 2004) kregen niet de aandacht die ze verdienden, misschien omwille van de minder bekende uitgeverij. Ze zijn ondertussen helaas ook niet meer verkrijgbaar.
The way back home, over hetzelfde naamloze jongetje uit Lost and Found en How to catch a star, werd helemaal niet vertaald. En dat is jammer.
Het verhaal is even simpel als het absurd is: een jongetje vindt in zijn kast een vliegtuigje, vliegt ermee de ruimte in, en maakt bij gebrek aan benzine een noodlanding op de maan. Min of meer gelijktijdig heeft een ruimtewezentje motorpech, en landt ook hij met zijn ruimteschip op de maan. Samen zoeken ze naar een oplossing voor hun probleem.

De aandoenlijke tekeningen in waterverf en potlood en de speelse kinderlijke logica van het verhaal raken bij mij een gevoelige snaar. En geef toe, die expressieve lijfjes, die wil je toch gewoon knuffelen? (zie ook hier)
Vorig jaar publiceerde Jeffers een vierde boek over het jongetje met de rood-witgestreepte trui, Up and Down (HarperCollins, 2010). Hopelijk kan dat een uitgever motiveren om deze boeken toch nog eens een kans te geven op de Nederlandstalige markt.
The way back home
Oliver Jeffers
HarperCollins, 2007
(Eva Devos)