Schrijfsters Kaat Vrancken en Els Beerten bezochten eind vorig jaar Suriname. Kaat brengt voor ons verslag uit.

*

Op uitnodiging van Schrijversgroep ’77 nemen Els Beerten en ik deel aan ‘Wan Tru Puwema Na Wan Skreki Sani, Taal en Leven’, een project over taal en meertaligheid in Suriname. Het Nederlands is er de officiële landstaal maar daarnaast worden er meer dan twintig talen gesproken waaronder het Sranantongo, het Sarnami, het Hindoestani, het Saramaccaans e.a. Het probleem is dat de overheid nog geen duidelijk taalbeleid heeft ontwikkeld. ‘Zonder beleid ontstaat er een verkeerd beleid,’ is de stelling van de meeste Surinaamse deelnemers. Kinderen worden niet onderwezen in hun moedertaal en dat moet dringend veranderen. De bedoeling van het project is een uitwisseling van ideeën tussen schrijvers uit Suriname, Curaçao, Aruba, Zuid-Afrika, Nederland en Vlaanderen. De deelnemers treden naar buiten via lezingen en debatten. Schrijvers worden zelfs om advies gevraagd door de Directeur van Cultuur in Paramaribo.

Meertaligheid in Suriname is een boeiende problematiek die mij een week lang in de ban houdt. Maar de meeste deelnemers weten weinig of niets over Vlaanderen. Els – die overigens al verschillende keren in Suriname werd uitgenodigd o.a. om creative writing te doceren – zet dat recht in een heldere voordracht over de geschiedenis van België en de huidige situatie van Vlaanderen. Duidelijk is dat Suriname nog een taalstrijd moet leveren die wij, Vlamingen, al achter de rug hebben. Van ‘s ochtends tot ‘s avonds laat wordt er over taal en meertaligheid gediscussieerd. Maar wat mij vooral interesseert zijn de Surinaamse kinderen. Ik popel om te gaan voorlezen.

een lagere school in Suriname

De eerste school die ik bezoek ligt in Brokopondo, een district in het binnenland van Suriname. Samen met twee Surinaamse deelnemers geef ik een lezing in het zesde leerjaar. De leerlingen reageren totaal anders dan in België. Ze glimlachen verlegen, stellen geen vragen en houden voortdurend hun juf in de gaten. Mijn twee collega’s en ik hebben elk vijftien minuten om iets te vertellen. Veel te weinig tijd om een verhaal op te bouwen. Nauwelijks heb ik mijn hondenknuffels getoond en iets verteld over speur- en blindengeleidehonden of de volgende schrijver is al aan de beurt. Jammer, ik had graag meer interactie met de kinderen. Mijn Surinaamse collega’s hebben een andere stijl dan ik. Ze spreken de leerlingen vrij autoritair en betuttelend aan, iets dat wij in België en Nederland niet doen, voor zover ik weet :) . Maar in Suriname is het blijkbaar heel gewoon. Gelukkig heb ik nog even tijd om met de directeur te praten. Het aantal inschrijvingen op zijn basisschool is in vijf jaar tijd gestegen van vijfenvijftig tot tweehonderdvijftig leerlingen. Er is geen geld voor computers, noch voor een schoolbibliotheek. Maar toch zijn die er. Een tiental computers werd geschonken door een gulle dame uit Nederland en de boeken in de bibliotheek zijn schenkingen van Nederlandse bibliotheken.

de schoolbibliotheek

De volgende dag worden we verwacht op een middelbare school in Paramaribo. Daar hebben we meer tijd om een afgerond verhaal te brengen. Een klas van dertig zeventienjarigen werkt enthousiast mee, de leerlingen zijn spontaan en relaxed.

middelbare scholieren

De directeur heeft echter geen tijd voor een gesprek: hij moet onverwachts naar een vergadering van de Bond van Leraren. Want de scholenwereld staat op zijn kop vanwege de Facebook-rel! Groot nieuws op de eerste pagina van de krant. Zelfs op regeringsniveau wordt er ingegrepen. Spannend, toch? Ik probeer het verhaal even samen te vatten…

Een middelbare scholier plaatst op Facebook een foto van zijn klas met de lerares ICT met als onderschrift: ‘I am so ugly and I teach ICT.’ ‘s Anderendaags krijgt de bewuste leerkracht het bericht onder ogen. Zij verwittigt de directrice die op haar beurt de student én zijn klas onmiddellijk schorst. Er volgt een algemeen protest van de scholieren. Het Ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling schaart zich achter de leerlingen en ontzet de directrice uit haar functie. Als reactie daarop gaan de leerkrachten in staking (zij steunen hun directrice). Gevolg: de scholieren bezetten de school want zij willen les. Vervolgens besluit de Bond van Leraren dat alle middelbare scholen moeten staken om de directrice te steunen maar de regering houdt zich aan zijn beslissing. Tot hier heb ik de Facebook-rel gevolgd want ‘s anderendaags vertrokken we weer naar België.

De week was kort, het programma druk, de temperatuur hoog maar de ervaring warm en leerrijk.

Kaat en Els

(met dank aan Els Beerten)